3) De kracht van een goede redacteur: uiterst zorgvuldig omgaan met spelling

Bij blog (2) kun je lezen dat mijn naslagwerken de meeste recente zijn. De kracht van een redacteur is namelijk dat zij alles opzoekt! Nou ja, alles. Een senior tekstredacteur als ik heeft natuurlijk in de loop van de jaren de nodige ervaring opgedaan, maar ook ik zoek nog regelmatig dingen na. De gedachte ‘Het zal wel goed zijn’ is uit den boze. Stelregel van een goede redacteur is: bij twijfel opzoeken! Lange ij of ei, dt  of d of t, maar ook: wanneer gebruik je ‘die’ of  ‘dat’, de tussenletter n (pannekoek (onjuist) of pannenkoek (juist)), ‘hen’ of ‘hun’ … de lijst spellingszaken is vrijwel eindeloos. Veel is te vinden in naslagwerken, maar internet is natuurlijk ook een omvangrijke bron van informatie. Hoewel je met dat laatste voorzichtig moet zijn, want vaak weet je niet wie de informatie heeft geplaatst. Een zeer betrouwbare digitale bron is het Genootschap Onze Taal. De Woordenlijst Nederlandse Taal, ofwel het Groene Boekje, is tegenwoordig ook online te raadplegen als je wilt weten hoe je een bepaald woord spelt. Minder betrouwbaar, maar toch best handig is de automatische spellingscorrectie van Word. Als je zelf goed op blijft letten en niet klakkeloos elk voorstel overneemt (opzoeken!), verhoog je de betrouwbaarheid.
De kracht van een redacteur is dat zij, naast een berg kennis, ook een antenne heeft ontwikkeld voor spellingszaken en weet wanneer ze iets moet opzoeken. Zij kent ook haar eigen ‘blinde vlekken’. Zo heeft ieder mens, dus ook elke redacteur wel een paar woorden waarvan ze maar niet kan onthouden hoe je die ook alweer correct schrijft. Bij mij is de oorzaak van verwarring het gehannes met de oude, nieuwe en weer terug naar de oude spelling. Toen ik Nederlands en Engels studeerde was de roep om woorden te schrijven zoals je ze uitspreekt, bijvoorbeeld vakansie, kado, aksie, al tot de opleiding doorgedrongen. Niet lang daarna kwam de trend om daar toch maar weer mee te stoppen. Een nieuw idee werd uitgevoerd: veel, heel veel woorden aaneenschrijven, wat na een aantal jaar weer gevolgd werd door de trend dat niet meer te doen.
Natuurlijk bestaat de kracht van een redacteur niet alleen uit zorgvuldig omgaan met spelling, want daar kun je, zoals hierboven beschreven, als schrijver zelf heel veel aan doen. Het belangrijkste werk van een redacteur is het aanpakken van woordkeus, interpunctie, zinsconstructies en het ‘killen’ van ‘darlings’. Waarover bij het volgende blog meer.

[Intermezzo: ‘spellen’ is nou precies zo’n woord dat vaak vragen oproept: is het nou spelt of speld? Om het extra verwarrend te maken zijn de woordvormen: spellen, spelde, gespeld. Je schrijft dus: ik spel, jij/hij/zij/het/u spelt en in de verleden tijd: ik/jij/zij/het/u spelde. Bij meervoud is het natuurlijk gewoon spellen: wij/jullie/zij spellen. ‘Ik speld’ heeft niets te maken met woorden spellen, maar gaat over die puntige priknaald waarmee je iets op een lap stof vastmaakt.]

Naslagwerk

Over Susan Hol

Het Grote Bureau is een initiatief van Susan Hol, redacteur, schrijver, filosoof en beeldenmaker.
Dit bericht is geplaatst in De KRACHT van een GOEDE REDACTEUR. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.